Aardig gevonden worden en lekker eten gaan helaas niet altijd samen. Helaas verkies ik dikwijls het eerste boven het laatste, en vind ik het maar moeilijk om kritiek te uiten in restaurants. Daarom ben ik dus geen restaurantrecensent.
Je hebt van die mensen die ongegeneerd hun biefstuk terug blijven sturen, totdat de keuken het eindelijk goed doet. Ik ben degene die er dan naast zit en met een verontschuldigend gezicht naar de ober kijk. Zo van: sorry, hij is nogal kritisch op z'n eten. Terwijl mijn 'doorbakken' vlees intussen zo'n beetje zwemt in z'n eigen bloed.
Ik vind het gewoon lastig, kritiek leveren. En zolang ik er geen buitenproportioneel hoog bedrag voor neertel, bewaar ik liever de lieve vrede. Ik lach, ober lacht, iedereen lacht en ik krijg geen klodders spuug in m'n dessert.
Maar toch zou ik willen dat ik de ballen had om wat te zeggen. Want als ik iets niet te eten vind, vindt niemand het te eten. Als ik er iets van zou zeggen, behoed ik het etablissement dus voor een volgende flater én het verlies van terugkerende klanten.
Maar nee. Ik ben niet zo'n held. Ik ben zelfs zo'n antiheld, dat ik onlangs in een lunchzaak, waar ik regelmatig kom, een half groentepasteitje, dat echt niet te eten was, in een servetje heb gewikkeld, meegenomen en buiten in de prullenbak heb gegooid. Ja, het zal de lunchtent geen goed doen, maar ik kon gewoonweg niet zeggen hoe bagger het was, omdat ik net een leuk gesprek met die mevrouw had gehad. En daarom ben ik dus geen recensent.